De start van mijn nieuwe wandelavontuur kon haast niet beter verlopen. Om 4u45 ging de wekker, en nog geen uur later zat ik al op de eerste trein richting Bretagne. Na een vlotte rit, met verschillende overstappen, kwam ik om 14u45 aan in Erquy.
Heel even speelde ik met het idee om meteen al een stukje van de GR34 te stappen, maar mijn gevoel zei me dat ik beter eerst even in Erquy zou blijven. De vorige keer was dit namelijk de plek waar mijn tocht eindigde, en ik bewaar daar warme herinneringen aan. Terugkeren naar diezelfde plek als vertrekpunt gaf een mooi gevoel van continuïteit, alsof de cirkel weer rond werd.
Dag 1 – Van Erquy naar Le Cotentin (19,7 km)
Met mijn eerste stappen voelde ik meteen weer waarom ik dit doe. Dit is zo geweldig – wandelen langs de prachtige Bretonse kust maakt me gewoon ontzettend blij.
Het eerste stuk naar Pléneuf-Val-André, een kleine 10 km, liep verrassend vlot. Daar hield ik een eerste pauze: even neerploffen, iets eten en drinken. Een uurtje later trok ik weer verder, zonder vast plan, gewoon kijkend waar mijn benen me zouden brengen. Uiteindelijk geraakte ik tot Le Cotentin, nog eens bijna 10 km verder.
En toen begon het avontuur pas echt… Want slapen in Le Cotentin? Vergeet het. Het dorpje leek wel een spookplaats: stil, verlaten, en geen slaapgelegenheid te bespeuren. Ik dwaalde wat rond, checkte mijn kaarten, en besloot nog eens 3 km verder te stappen naar Planguenoual, dat groter leek. Maar ook daar: geen hotel, geen B&B. Gelukkig wel een supermarkt – honger en dorst waren dus opgelost, maar voor een bed was er nog steeds geen oplossing.
Met frisse tegenzin belde ik uiteindelijk een taxi. Voor 40 euro bracht die me naar Lamballe, een stadje op 8 km van daar. Daar had ik gelukkig snel een kamer gevonden. Eind goed, al goed. Al was ik zo moe dat er van een verslag schrijven die avond niets meer in zat. Gelukkig wel in een écht bed beland 😉
Dag 2 – Van Le Cotentin naar la Plage de Granville (10+ km)
Mijn host Blandine bleek een gouden vondst. Ze stelde voor dat ik drie nachten bij haar bleef logeren en dat ze me elke dag naar mijn startpunt zou brengen én me weer zou ophalen waar ik aankwam – voor een klein prijsje. Dat noem ik nu nog eens met je gat in de boter vallen!
Maar dan de tocht zelf… woensdag 17 september gaat in mijn geheugen gegrift blijven. Op papier: iets meer dan 10 km. In de praktijk: ik dacht dat ik er 50 had gestapt. Wat een loodzware etappe.
Al vrij in het begin ontmoette ik een wandelaar uit de streek. Hij waarschuwde me dat het een pittig traject zou worden. Ik lachte en zei dat ik dat ondertussen wel gewoon was. Maar dat bleek dus een serieuze misrekening. Het voelde even alsof ik plots in een bergketen terechtgekomen was: stijgen, dalen, klimmen… En ik had natuurlijk geen drinken meegenomen, want “het is maar 10 km”. Grote fout. Lesje geleerd: vanaf nu vertrek ik nooit meer zonder water.
Ik deed er uiteindelijk bijna 4 uur over. Regelmatig moest ik stoppen, gewoon omdat ik uitgeput raakte. En toen ik eindelijk de Plage de Granville bereikte, wachtte me nog een extraatje: 3 km tot in Hillion. Gelukkig vond ik daar een supermarkt, waar ik in een kwartier tijd anderhalve liter naar binnen goot en mezelf verder volstouwde met bananen.
Wat was ik blij dat Blandine me daar kwam ophalen! Geen wonder dat ik gisterenavond veel te moe was om nog een verslag te schrijven.
Dag 3 – Van la Plage de Granville naar Yffiniac (12 km)
Na de uitputtingsslag van gisteren voelde deze etappe bijna als een cadeautje. Slechts 12 km, en in geen 100 jaar te vergelijken met de zware klimmetjes van dag 2. Eindelijk een makkelijke, relaxte tocht – precies wat ik nodig had om er weer bovenop te komen. Na gisteren zat ik even in een dipje, maar vandaag lachte het leven me opnieuw toe.
Het eerste deel van de wandeling was prachtig, met mooie uitzichten langs de kust. De laatste 4 km waren wat minder: rechttoe rechtaan en best saai, een beetje zoals die eindeloze velden die ik vorige keer na de Mont Saint-Michel moest doorploegen. Gelukkig duurde dit maar 4 km.
Leuk weetje: Yffiniac is het geboortedorp van Bernard Hinault – de man die vijf keer de Tour de France won. Altijd leuk om zo’n stukje sportgeschiedenis tegen te komen onderweg.
Blandine kwam me weer ophalen, en samen dronken we nog een pintje in Lamballe. Gezellig om zo de dag af te sluiten. Het is wel mijn laatste nacht hier, en eerlijk gezegd vind ik dat jammer, want het contact met haar was heel fijn. Maar morgen zit ik al te ver om nog eens terug te keren.
Morgen staat er maar een kleine 10 km op het programma. Ik had vandaag trouwens een idee: hoe trager ik stap, hoe langer ik kan genieten. Het zal een kwestie worden van de juiste balans vinden – zoals met alles in het leven.
Goeienacht!
Tot nu toe was het weer iets te onstuimig voor dronefoto’s, maar voor morgen zou het er goed uitzien. De andere foto’s ga ik morgen plaatsen, dan ben ik terug helemaal bij.
Ook een beetje oppassen met de warmte vrijdag en zaterdag hé !! Bonne route 🍀🙏